Artikelen

Er zit een luchtje aan het lekkere goedkope voedsel

Opiniestuk de Volkskrant & Nederlands Dagblad 25 juni 2019

 

Nog voordat een door zwaar landbouwverkeer beschadigde weg in het Friese terpdorpje Ee na renovatie weer feestelijk in gebruik kan worden genomen, is die weg alweer zwaar beschadigd. Door hetzelfde landbouwverkeer. Het zijn voor de grote stad ver-van-mijn-bed-berichten die de media meestal niet halen.

Dat geldt wel voor de plannen van minister Carola Schouten die aan een nieuw landbouwsysteem werkt, waar tot dusver ‘belachelijk goedkoop’ en ‘belachelijk grote tractoren’ in elkaars verlengde liggen. Want: wat kunnen bijstandsmoeders- en vaders straks nog eten, als Schouten haar zin krijgt en kwantiteit plaatsmaakt voor kwaliteit met daaraan gekoppeld een eerlijk prijskaartje?

Al in 1974 liet een voorganger van Schouten, Fons van der Stee onderzoek doen naar onze landbouw, waar schaalvergroting het toverwoord was geworden. Nederland ging, op steeds indrukwekkender wijze, de wereld voeden. Er ging geen dag voorbij, of er verscheen weer ergens een uit de kluiten gewassen stal aan de horizon.

De beleidsnota ‘Intensieve Veehouderij’ liet 45 jaar geleden wel zien dat er misschien ooit grenzen aan de groei zouden komen. Waarbij vooral de uitwerpselen van de snel groeiende veestapel een probleem vormden. Een probleempje, zo schreven de onderzoekers. Alternatieven lagen immers voor het oprapen: fabrieksmatige verwerking van mest en de mogelijkheid van dumping in zee werd geopperd.

 

In naam van economische voorspoed moest de tering naar de nering worden gezet en het mestoverschot hoe dan ook worden verwerkt. Over de kosten van de vervuiling, letterlijk doorgedrongen tot de waterputten in Noord Brabant en Limburg, werd in die jaren op het landbouwdepartement liever niet gesproken.

Van 500 onderzochte drinkwaterlocaties werd bij metingen in 1952 (!) de wettelijke mini-norm in ruim 67 procent van de gevallen overschreden. De in die jaren heersende relatief hoge zuigelingensterfte, het zogeheten Blue Baby Syndroom, werd in verband gebracht met het aangetaste grondwater.

Terug naar de kritiek van de bijstandsmoeders- en vaders over de mogelijke gevolgen voor de portemonnee door de plannen van Schouten. Eindelijk een minister, een boerendochter, zelf een alleenstaande moeder die naast blozende exportcijfers ook kijkt naar alle verborgen kosten, zoals de prijs voor natuurbehoud. Terecht durft zij daarbij te stellen dat agrariërs geen loon naar werk krijgen. Waar een huishouden tegenwoordig maximaal 10 procent besteedt aan boodschappen (en het dubbele aan vakantie en vertier) was dat een halve eeuw geleden 40 procent.

 

Zij, Carola Schouten, vraagt Nederlanders nu op haar manier de tering naar de nering te zetten, na het pappen en nathouden van al haar voorgangers, niet geheel toevallig ook een periode van grofweg een halve eeuw. Omdat het moet, omdat het niet anders kan bijvoorbeeld met het oog op klimaat, natuur, dierenwelzijn, herstel van biodiversiteit, om insecten en vogels niet te laten uitsterven.

Kostelijk voedsel hoort volgens haar geen wegwerpartikel te zijn. In haar functie kan zij het natuurlijk niet zeggen, maar waarom niet een keer per jaar minder met vakantie gaan en dat geld besteden aan kwaliteitsvoedsel, bijvoorbeeld biologisch?

Wat betreft de kleine portemonnee van consumenten ligt de oplossing in het verschiet. Laat de ingezette schaalverkleining van melkveehouders op Waddeneiland Schiermonnikoog een voorbeeld zijn voor heel Nederland. Meerdere boeren willen immers af van het Europese subsidiestelsel (voor ons land in 2018 682 miljoen euro). Voornamelijk bedoeld om voedselzekerheid te garanderen, maar in de praktijk in de eerste plaats om ‘lekker goedkoop’ te produceren. De boeren werken zich intussen ‘lekker goedkoop’ het ongans, worden daarbij als dank inmiddels uitgemaakt voor alles dat rot en slecht is.

Neen, we gaan het anders doen en laten ‘de bulk’ in de nabije toekomst over aan Europese vriendennaties – waar meer dan genoeg ruimte is voor nare bijwerkingen als mestoverschotten – en worden binnen nu en 2030 nummer één in voedsel van de bovenste plank. Daar komt geen milliliter Roundup (glyfosaat) meer aan te pas. De consument gaat er grif voor betalen.

De 682 miljoen euro van Brussel worden o.a. besteed aan de consument met de kleine portemonnee die eindelijk kan ervaren hoe lekker biologisch kan zijn. Het hoeft niet van vandaag op morgen. We trekken er, onder leiding van Carola Schouten, een tiental jaar voor uit. Nederland, luilekkerland. En de boeren worden onze beste vrienden.

 

KEES KOOMAN, auteur van het binnenkort te verschijnen Nieuw Boeren: Je leent het land van je kinderen.