Artikelen

De verleiding van 450.000 condooms

Nergens zoekt zoveel mannelijk testosteron tegelijkertijd een uitweg als op de flanken van de Olympus. Zoveel oergezonde jongens en meisjes bijeen. Heel goed dat de organisatie in Rio 450.000 condooms heeft klaargelegd voor je weet maar nooit. Drie keer zoveel voorbehoedsmiddelen als bij de vorige Spelen in Londen, alweer een record gesneuveld.

De mooiste mensen van de wereld wonen in Brazilië. Ik ben natuurlijk niet de enige die denkt bij zoveel tastbare schoonheid op de stranden, en dan nog eens die temperatuur waardoor je bloed sowieso sneller gaat stromen: Oh là là.

Het zijn de verhalen waarvan u en ik wel pap lusten: de met matrassen slepende sporthelden, niet veel eerder huilend op de tonen van het Wilhelmus, en nu na alle lasten van de favorietenrol de lusten. Om begrijpelijke redenen zal ik geen namen noemen, maar ik kon het blozen niet laten toen ik (decennia later) uit de eerste hand vernam wat er in het Olympisch Dorp van Mexico Stad (1968) gebeurde op het amoureuze vlak.

Het maakte geen bal uit dat vrouwen en mannen nog strikt gescheiden van elkaar verbleven. Achterdeurtjes boden uitkomst.

U en Yuri weten inmiddels dat normen en waarden van vrijheid-blijheid inmiddels strak zijn aangetrokken ondanks die verleidelijke pot, barstensvol met condooms en glijmiddel. Hier moet Jonas Junius worden voorgesteld, de 22-jarige vlaggendrager van Namibië met de naam van een poëet. Jonas, en ik verzin het niet, die alleen maar tot sport was ‘bekeerd’ omdat hij eens met een vriendje was mee geweest naar een bokstoernooi in Walvis Bay. Ja, de werkelijkheid is onvoorstelbaarder dan de meest prikkelende fantasie.

Deze ‘Jonas in de walvis’, uitgeroepen tot sportman van Namibië en een voorbeeld voor de jeugd van zijn land () moet bij zichzelf gedacht hebben: die bergen condooms zijn er niet om de lampenkappen op je kamer mee te versieren. En zo probeerde hij, daarbij mede aangemoedigd door al dat in maanden noeste en eenzame arbeid opgespaarde testosteron, een ogenschijnlijk lief meisje vast te pakken en haar te zoenen. En toen zij een beetje begon tegen te stribbelen bood de bokser haar geld aan voor een potje…. nou ja, in elk geval geen potje kaarten.

‘Ik geloof dat ik geschiedenis ga schrijven’, zo voorzag Jonas Junius bij een uitzwaai-bijeenkomst met journalisten die voor de zekerheid al het volkslied hadden ingestudeerd. ‘Ik ga alleen voor goud en ik kan mezelf al visueel zien winnen.’ Het zilver van de Commonwealth Games zou in Rio worden verguld. En alle ellende van discutabele jurering, inherent aan veel vechtsport, het ongeluk als 12-jarig jongetje met kokend water, moest verbleken bij de eeuwige roem die hem in Brazilië te wachten stond.

En ja, Jonas heeft geschiedenis geschreven. Hij was (na de eveneens 22-jarige Marokkaan Hassan Saada) de tweede bokser, aangeklaagd wegens aanranding. De verwachting is dat beiden een dag voor de sluitingsceremonie vrijkomen (uit voorarrest). Dan pas is zeker, of de aanklacht hout snijdt.

(Deze column verscheen tijdens de Olympische Spelen van Rio de Janeiro in Friesch Dagblad. )